De Kriegsmarine


De voormalige marinehaven van Hellevoetsluis en een deel van
de marinewerf werden al direct in de zomer van 1940 in gebruik genomen door de Duitse Kriegsmarine. Al spoedig kwamen er boten van het zogenaamde Donau flottielje dat als taak had de Zeeuwse en Zuid-Hollandse binnenwateren te beschermen en ook mijnen te ruimen.

Later in de oorlog lagen hier de Maas- en Rhein flottieljes die ook de veerverbindingen tussen Hellevoetsluis en Goeree-Overflakkee en Schouwen-Duiveland beschermden en de konvooi vaart op de binnenwateren tussen bijvoorbeeld Dordrecht en Antwerpen. De flottieljes bestonden voor een groot deel uit in beslag genomen vissersschepen, politie vaartuigen en kustvaarders. Op de schepen werd ook luchtafweer geplaatst omdat geallieerde vliegtuigen regelmatig mijnen kwamen leggen en daarbij ook de schepen aanvielen.

Vanaf het najaar van 1944 werd door de Kriegsmarine de Biber, een eenmans mini onderzeeër waar aan de zijkant twee torpedo’s of mijnen konden worden bevestigd, vanuit Hellevoetsluis ingezet tegen de geallieerde scheepvaart op de Westerschelde. Ook werden de Linsen speedboten, geladen met 300 kg springstof, vanuit Hellevoetsluis ingezet.

Alles bij elkaar was Hellevoetsluis een belangrijk steunpunt voor de Kriegsmarine in het Delta gebied.

    

 

Plattegrond
Vesting Hellevoetsluis

© 2021 - 2022 Fronttaal | sitemap | rss | webwinkel beginnen - powered by Mijnwebwinkel